← Terug naar nieuws

Een huurcontract tekenen: 5 aandachtspunten

Een woning huren of verhuren in Vlaanderen wordt geregeld door het Vlaams Woninghuurdecreet. Enkele punten die geregeld voor discussie zorgen, op een rijtje.

1. De huurwaarborg heeft een maximum

De huurwaarborg mag niet meer bedragen dan drie maanden huur. Ze kan op verschillende manieren samengesteld worden: een geblokkeerde rekening, een bankwaarborg, of een lening via het Vlaams Woningfonds.

2. Een plaatsbeschrijving is verplicht

Bij elke huur hoort een tegensprekelijke plaatsbeschrijving, opgemaakt terwijl de woning leegstaat of tijdens de eerste maand van bewoning. De kosten worden gedeeld tussen huurder en verhuurder. Zonder plaatsbeschrijving is het bij het einde van de huur vaak koffiedik kijken wie welke schade veroorzaakt heeft.

3. Registratie is de verantwoordelijkheid van de verhuurder

De verhuurder moet het huurcontract laten registreren, en dit binnen de twee maanden na ondertekening. Gebeurt dat niet, dan kan de huurder de huur op elk moment stopzetten, zonder opzegtermijn en zonder vergoeding.

4. Opzegtermijnen verschillen naargelang wie opzegt

Voor een standaardcontract van negen jaar geldt voor de huurder een opzegtermijn van drie maanden. Zegt de huurder op binnen de eerste drie jaar, dan is er bovendien een vergoeding verschuldigd (drie, twee of één maand huur, afhankelijk van het jaar). Voor de verhuurder geldt een opzegtermijn van zes maanden.

5. Een kort contract heeft eigen regels

Een huurovereenkomst van kortere duur (maximaal drie jaar) kan één keer verlengd worden onder dezelfde voorwaarden, zolang de totale duur de drie jaar niet overschrijdt. Wordt dat overschreden, dan geldt automatisch het regime van het negenjarig contract, met de bijhorende regels.


Elke situatie is anders, en een huurgeschil laat zich vaak vermijden door vooraf de juiste vragen te stellen. Twijfelt u over uw huurcontract, neem dan gerust contact op.

Delen: FacebookLinkedInXWhatsApp